“Deze taak doen we met AI” klinkt als een besluit. Meestal begint het gesprek daar pas. Mag het systeem een voorstel doen? Mag het zelf uitvoeren? En wanneer moet iemand meekijken?
Neem als denkvoorbeeld een antwoord op een klantmail. Een concept laten schrijven, een antwoord laten controleren en een mail zelfstandig versturen zijn drie verschillende afspraken. Het woord AI zegt nog niets over welke afspraak je maakt.
Begin met het gevolg van een fout
Een onhandige interne samenvatting kun je vaak herstellen. Een verkeerd verstuurde toezegging kan direct gevolgen hebben voor iemand anders. Beoordeel daarom niet alleen hoe vaak iets goed gaat, maar ook wat er gebeurt wanneer het misgaat.
Vraag wie de uitkomst ontvangt, of een handeling terug te draaien is en hoeveel context nodig is om haar te beoordelen. Dat helpt bepalen waar menselijke aandacht nodig blijft.
Een controle moet uitvoerbaar zijn
“Er kijkt altijd iemand naar” klinkt geruststellend. Maar kan die persoon zien waar het antwoord vandaan komt? Is er tijd om te controleren? En kan diegene eenvoudig stoppen of aanpassen?
Als iemand alleen nog op akkoord klikt, bestaat de controle vooral op papier. Geef de beoordelaar de oorspronkelijke informatie, een duidelijke verantwoordelijkheid en de mogelijkheid om af te wijken.
Spreek een grens af voordat je begint
Beschrijf wat het hulpmiddel mag voorbereiden, wat het mag uitvoeren en wanneer het moet stoppen. Probeer dat uit op gewone situaties én op lastige uitzonderingen.
Die grens kan later veranderen op basis van ervaring. Begin niet met maximale zelfstandigheid omdat dat indrukwekkend klinkt. Begin met een taak die je begrijpt en waarvoor je de uitkomst kunt beoordelen.
Het doel is ruimte maken voor mensen. Dat lukt alleen als ze ook begrijpen waarop ze kunnen vertrouwen.
Meer zien van hoe we werken? Bekijk onze cases of neem contact op.